Over sponsoring en verdeeldheid

Commotie onder Spaanse boeren. De aankondiging van een partnership van voetbalclub Real Madrid met Meatless Farm, een Britse producent van plantaardig voedsel (met het hoofdkantoor in Amsterdam en Nederlander Erwin Meijer aan het roer) viel niet in goede aarde bij de agrariërs, zo berichtte Het Financieele Dagblad.

Club en sponsor willen mensen bewust maken van het belang om minder vlees te eten omdat dit beter is voor de gezondheid en voor het milieu. Ook de spelers van Real letten nauwgezet op hun voeding en zullen laten zien wat de impact van minder vlees eten is op hun prestaties. Uit het persbericht: ‘Real Madrid wil met de samenwerking echte veranderingen tot stand brengen die bijdragen aan een duurzamere wereld en die persoonlijke gezondheid en prestaties verbeteren’.

Het zorgde voor boosheid bij boerenorganisatie COAG. Zij stellen dat wetenschappelijke onderbouwing ontbreekt en dat de club boeren schoffeert die zich jarenlang achter de club hebben geschaard. Volgens COAG is 60% van de boeren voetbalfan, waarvan 33% voor Real Madrid. Men voelt zich in de steek gelaten in deze moeilijke tijden waarin restaurants zijn gesloten, restaurants waar normaal gesproken ‘spelers dikke biefstukken zitten te eten’. Real Madrid beschimpt een sector, sluit zich aan bij de ‘eco-vriendelijke’ mode en vergeet het brede sociale netwerk dat de club onvoorwaardelijk steunt, aldus de koepelorganisatie.

De boeren zijn boos, over verdere stappen laat men niets los. De Tour de France heeft regelmatig te maken gehad met blokkades van boze Franse boeren, maar dat was meestal gericht tegen de Franse overheid.

Een sponsor die voor verdeeldheid zorgt: zou je dat een trend kunnen noemen? Het is zeker niet nieuw. Denk aan McDonald’s die werd aangevallen als sponsor van de Olympische Spelen en EasyToys dat zorgde voor verdeeldheid in de Nederlandse voetbalwereld. Ook ten aanzien van aanstaande WK Voetbal in Qatar wordt er steeds meer gewezen naar sponsors. Ze zouden ingezet kunnen worden als drukmiddel om een einde te maken aan de schending van de mensenrechten in dat land.

Sponsoring zet een merk vol in de spotlights. Als dat sponsorship is gekoppeld aan een sport met een enorme aantrekkingskracht, is dat een goedkope manier voor mensen om aandacht te krijgen en standpunten te verduidelijken.

Hoe moet je hiermee omgaan als sponsor of gesponsorde organisatie? Sponsoring is een belangrijk onderdeel van het businessmodel van sport, dus stoppen met partnerships is geen optie. Bovendien: wat je ook doet, er is altijd wel iemand die bezwaar maakt.

Geen bedrijf of organisatie zit te wachten om onderwerp te worden van een hoogoplopende discussie, maar het wordt steeds moeilijker daaraan te ontkomen. Het is dus veel beter om tot uitdrukking te brengen waar je voor staat. Mensen verwachten ook van bedrijven en organisaties dat ze dat doen. Wat je standpunt ook is, het zal niet door iedereen in dank worden afgenomen. Het kan je zelfs klanten kosten, maar als het goed is, zorgt het ook voor een sterkere binding met de mensen die zich kunnen vinden in jouw standpunt.

Commotie hoeft overigens niet negatief te zijn. EasyToys weet daar alles van. In een onderzoek onder voetballiefhebbers naar de spontane en geholpen naamsbekendheid van sponsors van Eredivisie-clubs staat het merk op de derde plaats, na Ziggo (Ajax) en AFAS (AZ). Uit datzelfde onderzoek wordt duidelijk dat ook onder niet-voetballiefhebbers het merk op het podium staat staat. Het laat daarmee grote sponsors als Droomparken (Feyenoord) en Brainport Eindhoven (PSV) achter zich.

Sponsors die voor verdeeldheid zorgen: de toekomst zal duidelijk maken dat dit geen incident is. Zeker als bepaalde branches zijn betrokken (alcohol, voedsel, kansspelen, vliegtuigmaatschappijen, energie), zullen partijen (van eenlingen tot goed georganiseerde organisaties) dankbaar gebruik van de discussie en publiciteit die het inhak(k)en op een populair tijdverdrijf (sport, kunst, cultuur) en zijn financiers oplevert.

In BNR Zakendoen #sporteconomie ging het op 24 maart over de verdeeldheid die sommige sponsors oproepen. De podcast van de uitzending met Thomas van Zijl en Marcel Beerthuizen vind je via deze link.

Over sport in de verkiezingen

Op de dag van de Tweede Kamerverkiezingen ging het in BNR Zakendoen #sporteconomie over sport in de verkiezingen.

In de verschillende partijprogramma’s neemt sport geen grote rol in. Drie partijen noemen het niet. De aandacht die er bij de andere partijen wel wordt besteed aan sport sluit aan bij het algemene profiel van die partijen. Het CDA heeft het vooral over gelijkheid. D66 besteedt met name aandacht aan grote evenementen en de A-status van sporters. Bij de PVDA focus op anti-racisme, de SP wil meer zeggenschap voor supporters en in het verkiezingsprogramma van de VVD gaat het vooral over het breed toegankelijk maken van sport.

De lijsttrekkers hebben zich zo mogelijk nog minder geprofileerd met sport op Wopke Hoekstra na die schaatsend in een commercial te zien was en, in strijd met coronaregels, samen met Sven Kramer in Thialf schaatste. Het zou hem volgens politieke watchers zelfs stemmen hebben gekost.

De afgelopen jaren is er meer geld vrijgemaakt voor topsport en er kwam een Nationaal Sportakkoord. Dat de lobby van de sportwereld in Den Haag zo goed als non-existent was, bleek bij het uitbreken van het corona-virus. Inmiddels is er het nodige veranderd. In juni 2020 nam de Tweede Kamer unaniem de motie Marijnissen c.s. aan waarin de regering wordt verzocht ‘met een plan te komen om in verschillende sectoren sport en bewegen te stimuleren om Nederland meer in beweging te krijgen en hiertoe een aantal departementoverstijgende scenario’s en doorrekeningen op te stellen, en deze uiterlijk 1 april 2021 aan de Kamer te sturen.’ Ook stelde het kabinet incidenteel € 200 miljoen ter beschikking om sport en bewegen te stimuleren met name voor lokale initiatieven. Ook mogen alle topsporters weer trainen en in competitieverband uitkomen.

Om het belang van sport en bewegen te stimuleren is zo’n departementsoverstijgende aanpak een betere oplossing dan het aanstellen van een Minister van Sport. Er is veel meer vooruitgang te boeken als de ambtenaren op de verschillende ministeries meer zouden samenwerken.

Inmiddels kennen we de uitslag van de verkiezingen. Wat zou een belangrijke opdracht zijn voor het nieuwe kabinet? De COVID-19 pandemie heeft duidelijk gemaakt hoe groot het belang van de sport en bewegen als onderdeel van een gezonde leefstijl is. Grote groepen in de samenleving hebben nu geen toegang om te kunnen sporten of op andere manieren te bewegen, terwiijl dat een wezenlijk onderdeel is van een gezonde leefstijl en zorgt voor een betere bescherming tegen welvaartsziektes en pandemieën. Investeren in sport en bewegen levert niet alleen op korte maar ook op lange termijn economisch en maatschappelijk voordeel op.

De podcast van de uitzending van BNR Zakendoen ‘Over sport en economie’ kun je terugluisteren via deze link.

Over sportvrouwen

In de week van Internationale Vrouwendag stonden vrouwen in de sport centraal in BNR Zakendoen #sporteconomie. Het weekend bood een mooie aanloop naar deze dag want het stond bol van de successen van Nederlandse topsportsters in shorttrack, atletiek en hockey.

In de Nederlandse Olympische topsport hebben vrouwen een dominante positie als het om de successen gaat. Van alle gouden medailles op Zomer en Winter Spelen zijn er 66 door vrouwen gewonnen en 64 door mannen. Vanaf 2000 is 70% van de Olympische titels gewonnen door een vrouw of een team van vrouwen. Er is geen land ter wereld wat Nederland daarbij kan overtreffen.

Databureau Gracenote berekende vorig jaar dat Nederland naar verwachting 41 medailles op de Spelen zou halen waarvan 24 door vrouwen en 15 door mannen. De kans is groot dat de inbreng van vrouwen dit jaar nog groter zal worden.

Het succes van de vrouwen laat zich verklaren door de goede infrastructuur van de Nederlandse sport, het focusbeleid van NOC*NSF en het feit dat meisjes en vrouwen worden aangemoedigd te gaan sporten. Inspirerende voorbeelden die laten zien dat je medailles en kampioenschappen kunt winnen en er ook je brood mee kunt verdienen, doen de rest.

Dat verdienen gaat steeds beter, al is er nog wel sprake van ongelijkheid. De BBC publiceerde recent een onderzoek over de beloning van sporters, als vervolg op eerdere onderzoeken uit 2014 en 2017. Op het gebied van prijzengeld is er steeds meer gelijke beloning. De grote verschillen zijn er volgens het onderzoek in het voetbal, golf, basketbal en wielrennen.

Het winnende land van het WK Voetbal Mannen 2018 ontving $ 38 miljoen, bijna tien keer zoveel als de $ 4 miljoen die de Verenigde Staten als winnaar van het WK Voetbal Vrouwen 2019 ontving. In het wielrennen zijn de verschillen nog veel groter. Ter illustratie: Davide Ballerini, de winnaar van de wielerklassieker Omloop Het Nieuwsblad kreeg € 16.000, winnares Anna ter Breggen ontving voor haar overwinning € 930…

Vrouwelijke topsporters weten steeds beter hun populariteit te verzilveren. Pepsi Max huurde OranjeLeeuwin Shanice van der Sanden in om een hoofdrol te spelen in een commercial met Lionel Messi en Paul Pogba. International en FC Barcelona aanvalster Lieke Martens, die al figureerde in een aansprekende Calvé Pindakaas-film, was met Messi en Pogba te zien in een commercial voor Lay’s, eveneens een merk van het PepsiCo concern.

In de Forbes Top 100 van bestbetaalde atleten is er een minimale verandering zichtbaar als het om dit onderwerp gaat. In de ranglijst van 2020 staat er niet één maar dit jaar twee vrouwen. Traditioneel zijn dit tennissters, heel lang was dat Serena Williams. Zij is dit jaar ingehaald door Naomi Osaka, die met $ 34 miljoen aan inkomsten op de 29e plaats staat. Het gros van dat geld komt van de vijftien sponsorcontracten die de Japans Amerikaanse heeft gesloten.

Osaka laat haar geld op een goede manier rollen. Ze investeerde o.a. in een vrouwenvoetbalteam met de gedachte dat het belangrijk is dat meisjes- en vrouwensport gesimuleerd wordt en er toppers zijn die hun verantwoordelijkheid nemen en tot inspiratie dienen. Ook richtte zij met drie andere atleten een eigen mediabedrijf op, een initiatief dat ook door andere sportvrouwen is opgepakt.

In de afgelopen twee decennia is ook de sponsoring van vrouwensport enorm toegenomen. Dat heeft alles te maken met de behaalde successen, de aandacht voor gelijke behandeling en de groeiende aandacht onder het publiek. Team Jumbo Visma start dit seizoen met een wielerploeg met vrouwen. De KNVB Eredivisie Vrouwen heeft met Pure Energie een naamgevend hoofdsponsor gekregen. ING besteedt een belangrijk deel van haar investeringen in voetbalsponsoring aan de ontwikkeling van meisjes- en vrouwenvoetbal. Ook stimuleert de bank de meer dan 500 amateurverenigingen die zij sponsort om vrouwelijke bestuurders aan te stellen. ABN AMRO Bank gaat nog verder en eist van de tophockeyclubs die worden gesponsord een gelijke beloning van mannen en vrouwen.

Nog verder gaat het drankje Guaraná Antarctica. Zij maken op 30 miljoen van hun blikjes ruimte vrij voor merken die sponsor worden van vrouwenteams. Daarnaast worden deze merken ook gepromoot aan de 15 miljoen social media volgers van de softdrink.

Ook op het gebied van mediarechten zijn er positieve ontwikkelingen waar te nemen. De Scandinavische uitzendorganisatie Nent Group heeft de voetbalrechten van vrouwencompetities in negen landen gekocht en gaat die verspreiden via haar Viaplay streaming service. In de Verenigde Staten lanceerden vier Olympische gouden medaillewinnaressen Togethxer, een media entertainment bedrijf met de focus op vrouwen. De FA, de 159-jarige Engelse voetbalbond, stelt naar verwachting een vrouw aan als de nieuwe CEO. Kortom, veel goed nieuws over de commerciële ontwikkeling van vrouwen in de sport.

Tot slot was er in de uitzending aandacht voor iemand die afgelopen week slecht nieuws kreeg te verwerken. Snowboardster Bibian Mentel kreeg van haar artsen te horen dat zij de strijd tegen kanker gaat verliezen. Mentel is iemand die ondanks grote tegenslagen met haar gezondheid nooit opgaf. Met haar Mentelity Foundation zorgt zij voor aandacht en geld om jonge mensen met een beperking te laten sporten en bewegen. Bibian Mentel behoort zonder twijfel tot de grootste en meeste inspirerende atleten van ons land.

Samsung Galaxy Team Nederland 2014: Bell Berghuis, Ireen Wüst, Bibian Mentel.
Bibian Mentel overleed op 29 maart 2021.

De podcast van deze uitzending van BNR Zakendoen # sporteconomie kun je hier terugluisteren. Dat kan ook via jouw favoriete podcast kanaal. Zoek dan op ‘Over sport en economie’.

Van exclusief naar inclusief

Het is een goede zaak dat de Stichting SponsorRingen alsnog heeft besloten de jaarlijkse vakprijzen uit te reiken. Juist in deze atypische tijd zijn er prachtige voorbeelden van partnerships die alle lof verdienen. De uitreiking is niet alleen goed voor de promotie van sponsoring. Het betekent ook dat er vakgenoten samenkomen en er inhoudelijke discussies ontstaan. Bijvoorbeeld over de definitie van sponsoring. Moeten er altijd twee of meer partijen betrokken zijn? Valt een door een merk ontwikkeld evenement binnen de criteria? Moet het beeld van consumenten bepalend zijn? Het is een repeterend onderwerp dat ieder tijdvak zijn eigen invulling krijgt.

Sponsoring is een vakgebied in ontwikkeling. Zo is er ook een veranderende opvatting over het belang van exclusiviteit aan het ontstaan. Exclusiviteit is een thema dat vooral speelt bij sponsors. Die hechten daar veel waarde aan. Als je geld hebt betaald om ergens toegang te krijgen, wil je vanzelfsprekend niet dat iemand anders zonder te betalen naar binnen kan. Waarom zou je anders dat bedrag betalen?

De realiteit is dat volledige bescherming niet te garanderen is. De aanval op jouw positie als sponsor kan van alle kanten komen. Van concurrenten, die een graantje mee willen pikken van de euforie die bij een evenement hoort. Van ambushers die zich presenteren als sponsor zonder iets bij te dragen. Niet alleen concurrenten en parasieten, ook collega-sponsors vormen een bedreiging. In een wereld bomvol communicatie strijdt iedereen om de aandacht.

Net zo goed als het consumenten niet interesseert of een merkactiviteit nu wel of niet onder de definitie van sponsoring valt, houden zij zich niet bezig met de sponsorstatus van een bedrijf. Zij worden geraakt door de toegevoegde waarde die merken leveren: een aansprekende campagne, een leuke meme, een tranentrekkende commercial, een empathisch maatschappelijk gebaar of een verrassende pr-stunt.

Je moet ervoor zorgen dat je doelgroep weet dat jij betrokken bent, dat je herkend en erkend wordt als ‘de officiële sponsor’ die verschil maakt. Je moet er als sponsor voor zorgen dat je alle exclusieve mogelijkheden die tot je beschikking staan zo optimaal mogelijk exploiteert: het recht om je te associëren met de partij die je sponsort, het gebruik van logo’s, de inzet van ambassadeurs, de toegang tot evenementen, de beschikking over content. De aanval is de beste verdediging.

Steeds meer partijen beseffen dat het zo werkt en dat zorgt ervoor dat het belang van absolute exclusiviteit aan het afnemen is. Onze landgenoot Eelco van der Noll die op het Amerikaanse hoofdkantoor van Anheuser-Busch InBev verantwoordelijk is voor alle partnerships heeft het exclusiviteitsbeding zelfs losgelaten. Er is meer interesse in de beschikking over de juiste activatierechten waarmee hij voor zijn merken verschil kan maken.

Bij Amerikaanse sportclubs kunnen sponsors uit dezelfde categorie naast elkaar opereren. Ook in Nederland zien we veranderingen. De KNVB verleent nauwkeurig omschreven branche-exclusiviteit aan grote partners als ING en Nike. Daarnaast werkt de KNVB met domeinpartners, bijvoorbeeld op het thema ‘duurzaamheid’, waarbij ook concurrerende bedrijven elkaar kunnen versterken.

Vaak wordt het huwelijk als metafoor gebruikt voor de relatie tussen sponsor en gesponsorde. Er is een meer treffende beeldspraak: polyamorie, liefde in meervoud. Het betekent dat je van meerdere mensen tegelijk kunt houden en met meerdere mensen tegelijkertijd een relatie kunt aangaan. Het lijkt me een passende beschrijving voor de toekomst van sponsoring: geen focus op ‘ikke eerst’, maar aandacht voor ‘samen’. Zelfs in een 1,5 meter samenleving moet dat kunnen werken.

Deze column is verschenen in het vakblad Sponsorreport, 5 maart 2021.

Over boycots en sponsors

Vorige week bracht een artikel in the Guardian andermaal de misstanden in Qatar aan de orde. Meer dan 6.500 mensen zijn overleden bij de aanleg van de infrastructuur en stadions voor het WK Voetbal 2022.

In 2010 werd het WK toegewezen aan Qatar, onder meer dan twijfelachtige omstandigheden. Het leidde tot de val van FIFA-voorzitter Sep Blatter. In 2015 verscheen er al een artikel in de Washington Post over de situatie van de gastarbeiders in Qatar, onbekend was het dus niet. Waarom werd dit dan opeens groot nieuws? Door het grotere aantal doden? Omdat de verkiezingen eraan komen? Omdat er een rekening te vereffenen viel met de spelers van Oranje? Omdat mensen weer even onder de aandacht wilden komen?

Waarom ging het vooral over het WK in Qatar dat in november van 2022 plaatsvindt en waarvoor het Nederlands elftal zich nog moet plaatsen? Negen maanden eerder vinden in Beijing de Olympische Winter Spelen plaats, in het land waar volgens een motie in de Tweede Kamer genocide wordt gepleegd op de Oeigoerse minderheid. Aan die Spelen zullen zeker Nederlandse atleten deelnemen.

Uit verschillende hoeken kwam er een oproep tot een boycot van Qatar. D’66 lijsttrekker Sigrid Kaag ging mee in het betoog van Gert-Jan Seegers van de ChristenUnie die aandrong op een boycot. Vanuit haar functie als Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking schrapte Kaag enkele dagen later Qatar uit de (virtuele) handelsmissie naar de Golf-regio. In Qatar hebben Shell en BAM grote belangen. Ook journalisten en cabaretiers gebruiken het nieuws om hun punt te maken en tot een boycot op te roepen. Niet alleen van het toernooi, maar ook van sponsors.

Toch is er geen oproep tot een boycot van de Winterspelen. Niet door de politiek, ook niet door het journaille. Omdat voetbal meer aandacht trekt? Omdat de Nederlandse belangen in China veel groter zijn? De Chinese president Xi Jinping heeft al laten weten dat landen die de Spelen boycotten op represailles kunnen rekenen.

Of het nu om Qatar of China gaat: een boycot verandert niets. Het wordt afgeraden door toonaangevende partijen zoals Amnesty International en Human Rights Watch, twee NGO’s die deze landen nauwkeurig monitoren. Naast deze twee hulporganisaties geven ook vooraanstaande wetenschappers aan dat je veel beter de dialoog kunt zoeken. Die aanpak heeft ook al tot verbeteringen geleid. De werkomstandigheden van de gastarbeiders zijn vooruitgegaan. Bij het recent gehouden World Cup Beachvolleybal paste de lokale organisatie kledingregels aan.

Heeft het zin om sponsors te boycotten? Bedrijven die sponsor zijn van de FIFA, het toernooi of van deelnemende landen willen zich normaliter niet mengen in discussies. Achter de schermen wordt er wel degelijk invloed uitgeoefend en als de schandalen hoog oplopen. zoeken ook sponsors de publiciteit. Steeds vaker spreken bedrijven zich nadrukkelijk uit over sociale issues en durven zich daarbij ook kwetsbaar op te stellen. Ik verwacht dan ook dat sponsors zich zullen laten horen, in milde bewoordingen, sommige meer uitgesproken.

Het Nederlands Elftal moet zich nog kwalificeren voor het WK, maar de KNVB wacht niet af. Zij hebben een duidelijke aanpak ontwikkeld. Met het WorldCoaches-programma stimuleert men het vrouwenvoetbal in Qatar. Via de ambassade gaat met het gesprek aan met de lokale voetbalautoriteiten. Je kunt lacherig doen over een regenboog-aanvoerdersband, maar als die om de arm van een mondiale voetbalgrootheid als Virgil van Dijk zit, krijgt dat aandacht en heeft dat impact. Samen met haar sponsors denkt de KNVB na over andere acties.

De KNVB heeft ook invloed uitgeoefend om veranderingen in de toewijzingsprocedure van grote voetbaltoernooien aan te brengen. Voor de toekomst van alle grote (sport)evenementen zou het goed zijn dat aankomende organisatoren bindend vastleggen dat mensenrechten worden gerespecteerd en evenementen op een duurzame wijze worden georganiseerd.

Op 3 maart 2021 ging BNR Zakendoen #sporteconomie over boycots en sponsors. De podcast van de uitzending kun je hier terugluisteren. Je kunt alle inmiddels meer dan 100 uitzendingen van ‘Over sport en economie’ vinden in je favoriete podcast app.

Over sport als laboratorium

Topsport is een high performance omgeving waar de beste getrainde mensen ieder detail onder de loep nemen om verschil te maken. Het is een interessante testomgeving met als doel inzichten te verkrijgen en innovaties te ontwikkelen die ten goede komen aan alle betrokken partijen zoals atleten, sponsors en de samenleving.

Meestal staan sport en sporters centraal in onderzoek, soms de supporters. Onder de naam Field Lab was de wedstrijd NEC – de Graafschap een testopstelling met verschillende bubbels voetbalsupporters. Geen ‘uitverkocht huis’; 1.153 van de 1.500 beschikbare kaarten werden verkocht. Niet iedere geïnteresseerde fan wilde zich volledig laten volgen, want niet alleen de looplijnen in het stadion, ook de bewegingen van de ‘proefkonijnen’ enkele dagen na de wedstrijd werden gemonitord. De supporters die er waren, deden dat om hun club aan te moedigen maar ook ‘om het landsbelang te dienen’. Over zes weken zijn de testresultaten beschikbaar.

Formule 1 wordt ook wel het laboratorium van de automobielindustrie genoemd. Talrijke innovaties vonden via de F1 hun weg naar de auto’s in het dagelijkse verkeer. Zoals zuinige motortechniek, verbeteringen van brandstofinspuiting, aerodynamische vormgeving en koplampen met laser.

Deze week werden verschillende bolides gepresenteerd voor het nieuwe F1-seizoen. Met een opvallend detail: de auto’s rijden niet meer zo hard als vorig jaar. Niet sneller, sneller, sneller, maar langzamer. Een stijlbreuk vanwege twee redenen. De Covid-19 crisis heeft grote financiële impact op de teams, daarom is besloten de racewagens van 2020 te hergebruiken. De tweede reden heeft met de belangen van bandensponsor Pirelli te maken. De racewagens waren het afgelopen seizoen zo snel geworden, onder meer door een verbeterde aerodynamica, dat dit zijn weerslag had op de banden. Vanwege de vrees voor ‘ontploffende banden’ zijn de regels door racefederatie FIA aangepast en hebben de bouwers de vormgeving van de auto moeten aanpassen.

Een sport waar het nog wel steeds sneller gaat, is de atletiek. Nike heeft de zogenaamde Vaporfly-technologie ontwikkeld, waarbij loopschoenen zolen van verend schuim bevatten plus een plaat van carbon die als een soort springveer werkt. In een laboratorium-opzet in Wenen liep Eliud Kipchoge de marathon onder de twee uur. Inmiddels sneuvelen er allerlei officiële records. Doordat deze schoenen groot verschil maken en in eerste instantie beperkt beschikbaar waren, leidde dat tot kritiek uit allerlei hoeken.

De mondiale koepelorganisatie World Athletics besloot de schoenen niet te verbieden voor de wedstrijdsport. Wel zijn er nieuwe regels vastgelegd over bijvoorbeeld de dikte van de zolen en de omvang van de carbonplaat. Een andere vereiste is dat de betreffende schoenen (inmiddels hebben meerdere merken een soortgelijke technologie toegepast) voor iedereen beschikbaar moeten zijn. Een loffelijk streven, in de praktijk krijgen de toppers onder de gesponsorde atleten al eersten de beschikking over de nieuwste modellen.

Over de bewering van atleten dat de nieuwe schoenen de uitstraling en aantrekkingskracht van de sport zouden ondermijnen, heeft voorzitter Sebastian Coe een duidelijke mening. Hij wijst op de geschiedenis van zijn sport waarbij er altijd vooruitgang is gerealiseerd: door betere ondergronden, trainingsmethodieken, voeding, schoenen et cetera. Lord Coe, overigens jarenlang een Nike-atleet die zijn verbintenis moest opgeven toen hij voorzitter werd, vindt dat innovatie niet moet worden verstikt en dat vernieuwing een onlosmakelijk deel van de sport is.

De geschiedenis leert dat in veel gevallen de sport achter de ontwikkelingen aanholt. Of het nu om de verende hardloopschoenen, de klapschaats of zwempakken met extra drijfvermogen gaat: meestal komen koepelorganisaties pas in actie als de vernieuwing heeft plaatsgevonden en terugdraaien een moeilijke optie is geworden.

Ook in de schaatssport werd er recent volop geëxperimenteerd. In dit geval door schaatsbaan Thialf dat door het verdraaien van luchtroosters rond de baan voor een soort rugwind heeft gezorgd. Tegen alle logica in regende het wereldrecords op de laaglandbaan in Heerenveen. De twijfel over de haalbaarheid van deze records en het feit dat de rugwind varieerde tijdens de verschillende ritten, zorgden voor ophef. Thialf bagatelliseert de discussie, NOC*NSF Technisch Directeur Maurits Hendriks gaf aan een onderzoek in te stellen. Of na dit onderzoek de gereden wereldrecords blijven staan, lijkt niet erg waarschijnlijk.

Topsport is een aantrekkelijk laboratorium. Vanwege de publicitaire aantrekkingskracht is het voor sponsors buitengewoon interessant om een inhoudelijke bijdrage aan vooruitgang te kunnen leveren. Als een sponsor zijn kennis en mensen inzet voor innovatie, is dat een prachtig en tastbaar bewijs van de capaciteiten en betekenis van het bedrijf.

DSM was enkele jaren geleden Partner in Sport van NOC*NSF en zette haar expertise in voor innovatie, bijvoorbeeld voor snowboarden en zeilen. Na enkele jaren afwezigheid is DSM weer terug in de sport. De multinational is naamgevend hoofdsponsor geworden van de wielerploeg van Iwan Spekenbrink, die nu Team DSM heet.

In lijn met de purpose van het bedrijf wil DSM een grotere maatschappelijke betrokkenheid realiseren op het gebied van een gezondheid voor mensen en de planeet. De sponsor wil de renners van haar ploeg uitgebreid laten profiteren van innovaties op het gebied van voeding, materialen, gezondheid en veiligheid.

Sneller, hoger, sterker: zo luidt het credo van de Olympische Spelen. Details worden steeds belangrijker en maken het verschil tussen goud en de rest. Sport is een laboratorium voor vernieuwing waarbij de grens tussen vooruitgang en vals spel soms moeilijk te trekken is. Hoe zorg je voor vernieuwing zonder dat het oneerlijk wordt? Het bewaken van een gelijk speelveld is een belangrijke factor. Duidelijke spelregels zijn daarbij van belang. Deelnemers en toeschouwers moeten het gevoel hebben dat iedereen dezelfde kansen heeft.

Dat is een loffelijk streven, maar topsport is in essentie oneerlijk. Winst wordt niet alleen bepaald door talent, maar ook door je afkomst en waar je woont. Sport moet continu op zoek naar die balans tussen vooruitgang en een ‘level playing field‘. Het is eerlijk gezegd een mission impossible.

De belangrijkste factor is uiteindelijk het publiek, de partij waar betaalde sport om draait. Wanneer sport zijn onvoorspelbaarheid verliest, wanneer fans afhaken, dan ontstaan pas de echte grote problemen.

BNR Zakendoen #sporteconomie ging op 24 februari 2021 over sport als laboratorium. De podcast van de uitzending vind je via deze link. Hij is ook te vinden op vele andere podcast platformen. Zoek dan onder ‘Over sport en economie’.

Klinkende munt

Fondsenwerving in de sport is een kans voor open doel.

Een half jaar geleden hadden culturele en sportorganisaties de verwachting dat het begin 2021 wel over zou zijn met de pandemie die toen nog corona heette. Men rekende voor het nieuwe jaar op bezoekers in de zalen, op de festivals en op de tribunes. Vol vertrouwen werd er aan kopers van toegangskaarten restitutie beloofd voor het geval er onverhoopt niet geleverd kon worden. Compensatie in de vorm van vouchers, zoals de theaterwereld dat deed, maar ook als volledige terugbetaling, zoals verschillende voetbalclubs garandeerden.

De realiteit van 2021 is een andere dan gehoopt. De zalen en tribunes blijven leeg. Het zorgt voor grote problemen, in alle sectoren, maar met name in het betaald voetbal. Het eigen vermogen, als dat er al was, is ingeteerd of verdwenen. Als iedereen zijn geld terugvraagt, is het verlies niet te overzien. Eerste peilingen duiden erop dat zo’n 75% van de voetbalsupporters niet zullen terugvorderen. Er is hoop, maar onzekerheid overheerst. Had men dit kunnen voorkomen?

De liefde van supporters is groot, enorm groot. Dat gaat soms erg ver: een tattoo met het gezicht van de favoriete voorzitter of de wens om de as van je gecremeerde lichaam uit te laten strooien op een speciaal veldje van de club. Intense emotionele betrokkenheid waar geen goed doel mee kan wedijveren, al zijn er wellicht ook mensen die Greenpeace of de Rainbow Warrior op hun lichaam hebben laten tatoeëren. Diehard voetbalfans willen bij ‘hun club’ horen en daar alles voor doen. De bevestiging van hun liefde vinden ze belangrijker dan welke tegenprestatie ook. Het gaat om betrokkenheid die de ideale voedingsbodem is voor donaties. Opvallend genoeg is deze vorm van fondsenwerving in de sportwereld nauwelijks ontwikkeld.

De potentie van giften (en legaten) voor de sportwereld is niet onbekend en is bijvoorbeeld beschreven in het rapport ‘Klinkende Munt’ dat in 2017 verscheen in opdracht van NOC*NSF en de bij haar aangesloten sportbonden. Een werkgroep onder leiding van Jack de Vries achtte een percentage van 5% van de totale geef-markt haalbaar en voorzag extra inkomsten voor de sportsector van ten minste € 100 tot € 150 miljoen per jaar. Een conservatieve schatting gezien de enorme betrokkenheid van Nederlanders met sport. Met de aanbevelingen uit het rapport is echter niets gedaan.

Ontbrak de urgentie? Zeker niet. Ik wijt het aan onderschatting en een gebrek aan daadkracht. Hoewel sponsoring en fondsenwerving familie zijn, zijn het eerder neef en nicht dan broer en zus. Van oudsher focust sport zich op sponsoring. Fondsenwerving doe je er niet maar even bij. Het is een markt die groter én competitiever is, die zich enorm verdiept heeft en eigen wetten en regels kent. De sportwereld heeft verzuimd te investeren in kennis en kunde op dit terrein.

Het realiseren van extra inkomsten uit fondsenwerving kan nog steeds. Je ziet het om je heen gebeuren. Voetbalsupporters wachten niet af en nemen initiatief en ontwikkelen allerlei donatie- en crowd funding initiatieven om hun club in nood te helpen.

De op tegenprestaties gebaseerde relatie met supporters zal nooit verdwijnen. Er is een veel grotere, nog onontgonnen markt voor de sportsector. Het gaat om het ontwikkelen van een nieuwe geef-vraag waarbij het ‘in stand houden van het instituut’ centraal staat en er wordt ingespeeld op een diepe emotionele band. De basis ingrediënten voor succesvolle fondsenwerving zijn er. Het vraagt om andere manieren van beleid en communicatie, maar het is een kans voor open doel. Ik ben benieuwd wie deze als eerste inkopt.

Deze column is verschenen in De Dikke Blauwe op 25 februari 2021.

Over SPACs in de sport

Special Purpose Acquisition Companies oftewel SPACs bestaan al geruime tijd, maar zijn de laatste maanden aan een enorme opmars bezig. Ook in de sportwereld worden steeds meer SPACs ingezet.

Een SPAC is een beleggingsinstrument. Investeerders leggen geld in en met dat kapitaal wordt een beursnotering verkregen. Vervolgens gaat het management van de SPAC op zoek naar niet-beursgenoteerde bedrijven om mee te fuseren. Dat bedrijf krijgt de beursnotering zonder de kosten en moeite die traditioneel bij een beursgang horen. De SPAC-beleggers, ook wel sponsors genoemd, krijgen een minderheidsbelang in het bedrijf meestal zo’n 20%. De SPAC-beheerders krijgen twee jaar de tijd om een geschikte fusie-kandidaat te vinden. De inleggers van het geld worden meegenomen in de besluitvorming en krijgen indien gewenst hun geld terug als de tijd is verstreken of zij zich niet kunnen verenigen met de geplande fusie.

SPAC’s bestaan al jaren maar winnen aan populariteit en worden in de VS veelvuldig ingezet, ook voor investeringen in de sportwereld. Sport wordt gezien als een nog onontgonnen markt waarbij investeerders willen kapitaliseren op waardevermeerdering van sportorganisaties en aan sport gelieerde ontwikkelingen, zeker als er combinaties worden gemaakt met technologie. Zo zijn er succesvolle SPACs op het terrein van sportweddenschappen (DraftKings), fitness en gaming. De Amerikaanse sportwereld staat open voor deze vorm van investeren, zeker ook door de negatieve financiële impact van de Covid-19 pandemie. Organisaties zoals de NBA en de MLS passen hun interne regels aan om de mogelijkheden te verruimen. Sportpersoonlijkheden zetten hun bekendheid en invloed in om SPACs te vullen zoals Colin Kaepernick, Shaquille O’Neal en Alex ‘A-Rod’ Rodriquez.

Er komen steeds meer voorbeelden. Liberty Media, eigenaar van de Formule 1 en de Atlanta Braves, heeft een SPAC van $ 500 miljoen voor investeringen in de mediawereld. RedBall, een investeringsvehikel van bankier Gerry Cardinale en honkbal manager Billy Beane hebben een SPAC van $ 575 miljoen gecreëerd om te investeren in sportteams of in sport gespecialiseerde media of bedrijven die sportdata analyseren. Beane nam vorig jaar op persoonlijke titel een belang van 5% in voetbalclub AZ en heeft ook een belang in de Engelse club Barnsley.

Voor een sportorganisatie is het voordeel dat je niet hoeft te voldoen aan alle (vaal langdurige) beslommeringen die bij een beursgang (IPO) horen zoals het ontwikkelen van een prospectus en het houden van road shows. Bovendien weet je wie de investeerders achter de SPAC zijn en brengen zij mogelijk ook specialistische kennis in. Voor beleggers zijn SPACs interessant omdat ze zo de kans krijgen om te participeren in interessante beursintroducties.

Er zijn niet alleen maar voordelen. Ieder bedrijf dat naar de beurs gaat moet zich houden aan alle wettelijke bepalingen over informatieoverdracht en communicatie. Zeker voor een sportorganisatie vraagt dat om aanpassingen in het beleid. Ajax, de enige beursgenoteerde voetbalclub in Nederland weet daar alles van, al kan je beursnotering soms ook een excuus zijn om je achter te verschuilen.

SPACs zijn populair omdat de beurs gouden tijden kent en koersen zich gunstig ontwikkelen. Niet voor niets zeggen analisten op Wall Street dat ze meer mensen met een SPAC kennen dan met Covid. Wat zal er gebeuren als de beurzen gaan dalen? Amerikaans onderzoek naar SPACs leert dat de beurskoersen van SPACs gemiddeld een derde lager staan dan het moment van introductie.

Het lijkt een kwestie van tijd tot SPACs zich op de Nederlandse sportmarkt gaan richten. Zoals bij AZ of bij Feyenoord, dat hard op zoek is naar vreemd kapitaal. Beursgang of niet, een SPAC kan ook een interessante manier zijn om met financiers met interesse in de sportwereld in contact te komen.

BNR Zakendoen #sporteconomie ging op 17 februari over SPACs in de sport. De uitzending kun je terugluisteren via onderstaande link.

Over LV

Op 10 februari was LV het onderwerp van BNR Zakendoen #sporteconomie. LV staat in dit geval niet voor Louis Vuitton, Las Vegas, Letland of livermorium. Het Lijdend Voorwerp was de 55e editie van de Super Bowl, het grootste eendaagse sportevenement in de Verenigde Staten met een week vol activiteiten in de plaats delict. Dat was dit keer Tampa Bay in Florida, eveneens de thuisbasis van een van de finalisten, de Tampa Bay Buccaneers. Voor het eerste speelde een finalist in het thuisstadion. Aanvankelijk zou het evenement zich in Los Angeles afspelen (de locatie wordt al jaren eerder gekozen), maar de bouw van een nieuw stadion in LA heeft vertraging opgelopen. De NFL koos voor Tampa Bay al alternatief.

De staat Florida en de league eigenaar NHL waren overeengekomen dat er 25.000 mensen naar de wedstrijd mochten komen kijken, een derde van de stadioncapaciteit. Onder de toeschouwers 7.500 ingeënte zorgverleners. Het stadion werd verder gevuld met foam-borden die voor $ 150 konden worden gekocht en waarvan een deel naar een goed doel in Tampa Bay ging. Het zorgde voor een aanblik van een vol stadion. Overigens waren er strikte protocollen voor publiek en spelers.

Een SuperBowl is een evenement waar het draait om cijfers en records, niet alleen sportief maar ook commercieel. Wie waren dit jaar de winnaars en verliezers?

De Tampa Bay Buccaneers wonnen van de Kansas City Chiefs, die ook in 2020 in de finale stonden en toen wonnen.

Quarterback en Greatest Of All Time Tom Brady won van Patrick Mahones (volgens velen de nieuwe G.O.A.T., waaronder zijn eigen club die hem vorig jaar een 10-jarig contract van meer dan een half miljard dollar gaven). Van de negen Super Bowl finales die Brady speelde, won hij er zeven, een ongelofelijk record. De inmiddels 43-jarige Brady denkt nog niet aan stoppen.

De wedstrijd tussen de eigenaren werd gewonnen door de familie Glazer, die van de familie Hunt wonnen. De Glazers kennen we ook als eigenaren van Manchester United. In 1995 kochten zijn de NHL-franchise in Tampa voor $ 192 miljoen. Inmiddels wordt de waarde van de club op $ 1,2 miljard geschat.

Er waren ook winnaars en verliezers onder gokkers en gokbedrijven. De hoogste inzet van $ 2,5 miljoen dollar ging verloren, maar er was ook een winnaar die bij BetMGM $ 2,3 miljoen had ingezet op de Buccaneers. In totaal werden er 7,6 miljoen weddenschappen afgesloten, 63% meer dan vorig jaar . Dat komt omdat in steeds meer staten sportweddenschappen zijn toegestaan. Het hadden nog veel meer wedjes kunnen zijn, maar backend provider Kambi had technische problemen waardoor allerlei spelers van onder meer DraftKings, Penn National en BetRivers hun weddenschap niet konden plaatsen.

Technische problemen waren er ook bij de streaming video service van uitzendorganisatie CBS, die dit jaar de rechten had voor de uitzending op lineaire en non-lineaire platformen. In totaal keken er 5,7 miljoen mensen per minuut via streaming video, een nieuw record, 65% meer dan in 2020. Het totaal aantal kijkers viel tegen: het waren er 96 miljoen, 6 miljoen minder dan vorig jaar. Volgens analisten had dit verschillende oorzaken: de impact van Covid-19, waardoor er geen gebruikelijke feesten en partijen waren waarbij mensen normaal gesproken samen naar de wedstrijd kijken, en het gebrek aan spanning in de wedstrijd. Het record aantal kijkers naar de finale werd in 2015 gerealiseerd: 114 miljoen.

Circa 30% van de inwoners van de VS (328 miljoen mensen) heeft gekeken in 46.2 miljoen huishoudens. In perspectief: als Oranje ver komt in een groot voetbaltoernooi, kijkt zo’n 60 tot ruim 70% van de Nederlandse bevolking naar die wedstrijden. Tijdens het reguliere American Football-seizoen was er ook al een daling van de kijkersaantallen van 7%, een ontwikkeling waar meer sporten mee geconfronteerd worden.

De Big Game-commercials waren er vanzelfsprekend dit jaar ook weer. De inkoopkosten waren weer gestegen, zo’n $ 5,5 miljoen dollar voor een commercial van 30 seconden. Enkele grote vaste adverteerders hadden besloten dit jaar geen commercials uit te zenden om hun geld te besteden aan de (communicatieve) bestrijding van de Covid-19 pandemie. Het was voor het eerst sinds 1983 dat Budweiser geen commercial uitzond tijdens een Super Bowl.

De grote winnaar onder de adverteerders was volgens het Amerikaanse publiek de spot van Rocket Mortgage, het bedrijf dat ook de titel ‘Official Mortgage Supplier van de NHL’ draagt. Een grappige commercial met de bekende SNL-komiek Tracey Morgan in de hoofdrol met als thema ‘Certain is better than pretty sure’. Ook de 5’ (!) seconden commercial van r/wallstreetbets werd met applaus ontvangen.

Jeep had al 10 jaar geprobeerd om Bruce Springsteen in een commercial te krijgen. Het was eindelijk gelukt en dat resulteerde in een verhaal over the ReUnited States of America, over verbinding in een verdeeld land met een bijdrage van The Boss in tekst en muziek. Het leek wel een speech van Joe Biden. Op Twitter had 55% van de 27.000 posts over de commercial een negatief sentiment. In een poll van het reclamevakblad Ad Age werd de TV-commercial door meer dan de helft van de lezers als ‘te prekerig’ beoordeeld.

Er was nog een connectie met Joe Biden. Deze Super Bowl werd ingeleid met een gedicht van Amanda Gorman, die eerder de aandacht op zich vestigde met een overweldigend optreden tijdens de inauguratie ceremonie van de nieuwe president van de Verenigde Staten.

Ook social media zorgde voor nieuwe records. Volgens Brandwatch werden adverteerders 916.000 keer genoemd in tweets, zo’n 3.800 per minuut. De Pepsi Half Time Show met zanger The Weeknd in de hoofdrol kreeg veel positieve respons op de sociale kanalen. Naast de vergoeding die hij kreeg van sponsor Pepsi had de artiest zelf $ 7 miljoen geïnvesteerd in zijn show.

Wat viel er verder op? CBS zette meer camera’s in dan ooit. Opvallend was de inzet van de zogenaamde Sony Venice Cam. Deze camera geeft een scherp beeld van het onderwerp dat in beeld is, waarbij de achtergrond onscherp wordt. Dat zorgt voor een ‘cinematografisch’ effect en geeft een gevoel van diepte. Het is een techniek die veel in de game-industrie wordt gebruikt, o.a. in de NHL-game Madden. Ik zag dit beeld ook al gebruikt worden in uitzendingen van de Spaanse La Liga. Ongetwijfeld gaan we dit steeds vaker zien.

Een ander opvallende feitje en tekenend voor deze tijd: voor het eerst was er een vrouwelijk scheidsrechter in de finale.

Wat ook opvalt, in een wat breder perspectief, is de enorme hausse die is ontstaan rond zeldzame sportplaatjes. Er worden enorme bedragen voor betaald die soms tot in de miljoenen lopen, niet alleen voor collector’s items uit het verleden maar ook voor recente plaatjes. Voor het Panini Prizm Rookie-plaatje van Patrick Mahones werd $ 9.500 betaald, $ 2.000 meer dan voor een Rookie-plaatje van Tom Brady. Zo heeft Mahones toch nog iets ‘gewonnen’ in een verder voor hem teleurstellend weekend.

Een verlieslijdend jaar – Covid-19 kost de American Football van de NFL $ 4 miljard aan omzet – werd met een groots spektakel afgesloten. Nu is het voor de liefhebbers wachten tot september, als het nieuwe seizoen weer begint.

In BNR Zakendoen #sporteconomie ging het over de 55e editie van de Super Bowl. De podcast van de uitzending kun je terugluisteren via deze link.

Over negen nullen en meer

In de sportwereld is er een zogenaamde Three Commas Club. Dit door Forbes Magazine in benoemde elite gezelschap bestaat uit actieve atleten die meer dan een miljard dollar hebben verdiend. Het zijn golfer Tiger Woods, bokser Floyd Mayweather Jr., basketballer en ‘nieuw lid’ LeBron James en de voetballers Cristiano Ronaldo en Lionel Messi.

Deze sporters hebben hun vermogen op verschillende manieren vergaard. Mayweather met name door het aandeel in de verkoop van de PPV (Pay-Per-View) rechten van zijn partijen. Voor de andere sporters is het een combinatie van salaris, bonussen en commerciele deals waaronder sponsoring en endorsements (ambassadeursschappen bijvoorbeeld in social media posts).

De bijdrage uit commerciele deals is meestal groter dan de opbrengst uit salarissen. Daar is een uitzondering op en dat is Lionel Messi. Het was een publiek geheim dat Messi € 100 miljoen euro per jaar zou verdienen, sinds dit weekend weten we de exacte bedragen.

De Spaanse krant El Mundo maakte het contract van Messi openbaar met daarbij het bedrag dat hij in vier jaar kan verdienen: € 555.237.619, opgebouwd uit een jaarsalaris van € 128 miljoen, tekengeld van € 115 miljoen en additionele bonussen van € 77 miljoen. Volgens de krant heeft de Argentijn als 93% van het totale bedrag op zijn rekening staan.

Het zijn astronomische bedragen die hun gelijke niet kennen. Dat geldt ook voor het talent van de voetballer Messi. Een uitzonderlijke atleet die zijn geld meer dan waard is volgens oud- en aankomend Barcelona-voorzitter Joan Laporta. Een derde van de inkomsten van de club (dit jaar € 750 miljoen vanwege corona, de verwachting was aanvankelijk dat de club in 2020 de grens van € 1 miljard zou overtreffen) komen direct voort uit de aanwezigheid van Messi. Sportieve resultaten op het veld in nationale en internationale competities, toernooien en oefenwedstrijden leveren geld op, plus de aantrekkingskracht op fans/toeristen, sponsors, social media volgers en kopers van shirtjes en andere merchandise. Bij acht van iedere tien shirtjes die er via de kanalen van Barcelona worden verkocht, staat de naam Messi achterop gedrukt. Messi is een mondiale superster met een enorme aantrekkingskracht en commerciele waarde.

Ondanks al die inkomsten staat de club Barcelona zwaar onder druk; de schuld is opgelopen tot meer dan een miljard, als gevolg van mismanagement in de afgelopen jaren plus de impact van corona. Spelers van Barcelona leverden 70% van hun salaris in; of dat ook voor Messi geldt, is niet bekend.

Is een speler zoveel geld waard? Het is een discussie die iedere keer oplaait als er dit soort bedragen in de media verschijnen. Messi is de belangrijkste acteur in een miljardenindustrie, de speler die iedereen wil zien spelen en het is dan ook niet meer dan logisch dat hij daar een deel van krijgt. Het is ook goed te beseffen dat niemand Barcelona heeft gedwongen om deze bedragen te betalen. De club wilde hem kennelijk koste wat kost behouden. Uitzonderlijk talent is schaars, de markt is enorm groot en zit vol kapitaalkrachtige partijen.

De andere leden van de Negen Nullen Club verdienen hun geld voornamelijk naast het veld. LeBron James (huidig jaarsalaris $ 31,4 miljoen) verdiende van dat miljard meer dan $ 700 miljoen met sponsorcontracten en endorsements. Zo was hij 18 jaar verbonden aan Coca-Cola maar stapt hij nu over naar het Mountain Dew van concurrent Pepsi. Overigens tekende James al een levenslang contract met Nike dat hem op termijn ook meer dan een miljard oplevert.

Overigens stijgen de salarissen ook in de Verenigde Staten. Patrick Mahomes, de quarterback van de Kansas City Chiefs, de winnaar van de SuperBowl 2020 die ook het aankomende weekend in de finale staat, tekende vorig jaar een tienjarig contract voor $ 503 miljoen. De kans is groot dat hij binnen enige tijd toegang krijgt tot de herenclub van de drie komma’s. Het zal echt nog wel even duren voordat vrouwen die status bereiken.

In de Amerikaanse sport zijn er zogenaamde salary caps om ervoor te zorgen dat de uitgaven van clubs niet onverantwoord zijn en vooral om ervoor te zorgen dat de kapitaalkrachtigste clubs (uit de grote steden) al het talent wegkopen. In sporten waar geen promotie- en degradatieregeling is, is het voor de aantrekkingskracht van belang dat er een gelijk speelveld is. Het effect van die salarisplafonds zijn beperkt, doordat er allerlei uitzonderingen zijn. De National Basketball Association heeft een zogenaamde soft salary cap, waarbij bepaalde spelers die free agent (transfervrij) worden wel een hoger salaris mogen krijgen dan de ‘cap’ toestaat. Om dat te compenseren moet de club een zogenaamde luxury tax betalen. Het zijn met name het draftsysteem (slecht presterende clubs mogen de beste telanten contracteren) en het play-off systeem die ervoor zorgen dat kleinere clubs kans maken ver te komen in een kampioenschapsrace.

Salarisplafonds kennen we niet in de grote Europese sporten. De vraag is of zo’n plafond juridisch haalbaar zou zijn op grond van Europese wetgeving over vrij verkeer van werknemers en mededinging.

De excessieve beloning van Messi & co. zorgen voor rumoer en discussie. Het zijn onderwerpen waarover iedereen wil mee praten. Is er ook een downside? Zorgen de enorme salarissen ervoor dat fans afhaken van hun favoriete sport, club of speler?

Voor de mensen die toch al niet veel op hebben met sport, zijn de miljoenenbedragen aanvullend en overtuigend bewijs van de perverse wereld die sport in hun ogen is. Het is immers maar een spelletje, een hobby. Fans zijn veel minder kritisch en kunnen begrip op brengen voor de beloning van een superster die geadoreerd wordt. Het gevoel dat jouw club ook echt van jou is, staat borg voor een verbondenheid die levenlang duurt.

Sport en heel veel geld: sinds het bestaan van betaalde sport is er discussie over beloning en de ‘waarde’ van een mens. Het is een onderwerp van alle tijden. We kunnen er over blijven praten en dat is ook wat zovelen bindt en verbindt met sport.

De podcast van de uitzending van BNR Zakendoen #sporteconomie met Thomas van Zijl en Marcel Beerthuizen kun je terugluisteren via deze link.