Over sportbeleving en lege stadions

Zaterdag herstart de Bundesliga en het lijkt erop dat vele andere competities in Europa alsnog in de komende maanden worden afgewerkt. De sportliefhebber kan niet wachten tot er weer een bal gaat rollen, het zal dit weekend ongetwijfeld voor kijkcijfer-records gaan zorgen.

De wedstrijden gaan weer beginnen, maar de stadions blijven leeg om verspreiding van het coronavirus te voorkomen. Spelen zonder publiek is normaal gesproken een straf voor wangedrag van supporters. Het voelt klinisch of ‘spooky’ zoals sommige trainers zeggen. De Champions League-wedstrijden die in maart zonder publiek werden gespeeld, gaven een vreemd gevoel, meer het idee van een oefenpotje waar niets op het spel staat. Maar dat was toen en dit is nu. Er is veel veranderd door corona. Zal dat ook van invloed zijn op de beleving van sport?

De aanwezigheid van publiek bij sportwedstrijden is een belangrijke factor voor de atleten, de tv-kijker en andere schermvolgers en voor het aanwezige publiek zelf. Het zorgt voor sfeer, voor spanning, voor steun. Die afwezigheid probeert men wel op te vangen: door het plaatsen van poppen, zoals in bij het baseball in Taiwan. Borussia Mönchengladback maakte er een mooie actie van: Sei Dabei. Trotzdem. Voor € 19 kun je een foamboard met je beeltenis in het stadion laten plaatsen. De productie gebeurt door twee bedrijfjes die onder druk staan en hiermee iets kunnen verdienen. Er gaat ook € 2 naar de foundation van de club. Er zijn ook andere oplossingen: geluid van fans in het stadion verspreiden, doeken plaatsen, boodschappen op de LED-boarding, digitale schermen met verschillende afbeeldingen om wat sfeer te creëren. Tom Poes verzin een list.

Is het surrogaat en zal het niets veranderen aan de sfeer? Het coronavirus heeft ons geleerd dat vaste patronen en denkbeelden kunnen worden doorbroken: thuiswerken werkt, videovergaderingen ook, net zo goed als remote onderwijs. Het is zeker dat we daar niet mee stoppen als corona verslagen is; er zijn nu al bedrijven die aankondigen dat iedereen die dat wil voortaan thuis mag blijven werken.

Bij sitcom’s werd er een lachband ingezet met meer dan 300 ‘lach-geluiden’ die ook nog eens gemixt konden worden. Als je FIFA20 speelt, hoor je de supporters juichen in het stadion waar de virtuele wedstrijd wordt speelt en worden liedjes gezongen die daar ook ‘in het echt’ worden gezongen. Geluidsbanden onder voetbalwedstrijden. De ‘echte’ fan gruwelt bij de gedachte. Maar wie weet, kijken we er over een paar weken heel anders naar.

Hoe dan ook, het is belangrijk de beleving van de fan ook op andere manieren te stimuleren. Ook op dit terrein kan het anders. Niet alleen maar concentreren op Matchday, wat de meeste clubs doen, maar ook aandacht voor de voorpret en de napret. Fans willen alles weten van hun team en vooral van de sporters. Ze willen kijkjes achter de schermen die voor anderen verborgen blijven. Dat is ook een deel van het succes van Instagram.

Hoe traint Frenkie op de dag voor de wedstrijd? Wat verwacht hij van de wedstrijd? Hoe ontwaakt hij? Hoe staat het met zijn conditie? Gaat een blik op zijn biomedische status (nu nog) veel te ver? Wat eet hij bij het ontbijt (met dank aan sponsor X)? Wat vindt hij van de opstelling van de tegenstander? Ga zo maar door, tot en met een terugblik op de wedstrijd met de beelden die van hem (vanaf de zijlijn en POV) zijn geschoten. Het ‘fly on the wall’-concept is een prima oplossing als we zelf niet meer dichtbij kunnen komen.

De veel geprezen documentaire-serie The Last Dance laat zien dat het zelfs twintig jaar na dato nog interessant is om een kijkje te krijgen in het leven van sportsterren. Het is content (daar is het woord) dat mensen willen zien. Het is content waarvoor mensen willen betalen. Het is ook content waar anderen weer dankbaar op inhaken, zoals oud NFL-speler Andrew Hawkins die op social media uiterst succesvol een parodie maakt op The Last Dance. In Engeland brengt betaalzender Sky Sports iedere ochtend een tv-show van een uur waarin oud-speler Gary Neville met een speler praat over zijn belevenissen op dit moment. Er wordt goed naar gekeken.

Een andere manier van beeldregie: meer focus op sporters en spel en coaches, geen blik op de tribunes. Zoals al gebeurt als er wordt geschaatst in Nur-Sultan (v/h Astana), waar de tribunes altijd leeg zijn. Geluid toevoegen onder het beeld, niet ongebruikelijk in tv- en gaming land. Het volgen van de atleten, als als ‘fly on the wall’ in een permanente real life show. Over enkele weken weten we wat werkt en wat niet. Ook voor de sportbeleving zou corona wel eens voor grote veranderingen kunnen zorgen.

IN BNR Zakendoen #sporteconomie van 13 mei 2020 ging het over sportbeleving en lege stadions. De podcast van de uitzending met Thomas van Zijl en Marcel Beerthuizen kun je hier terugluisteren.

Don’t believe the hype!

Belevingscommunicatie lijkt het nieuwe tovermiddel. We moeten mensen raken, beraken, beroeren. Communicatie als ervaring lijkt nog de enige manier om het publiek daadwerkelijk te bereiken. Alle vakbladen, weekbladen en andere human interest periodieken staan er vol van. Woorden als experience, belevenis, beleving en ervaring zijn inmiddels opgeklommen tot onmisbare schakels bij het uiteenzetten van een raak en hedendaags communicatieconcept. ‘Iedereen doet het, beste product manager, dus doe mee. Reserveer een tonnetje, haal de slingers en toeters van zolder, dj-tje erbij, wat oude banken bij elkaar, vj-tje voor de sfeer. Doe een gezellig evenementje en de feestvarkens – mooie naam voor de doelgroep – zullen je nooit meer vergeten’.

Roep vaak en hard ‘ervaring’, benadruk het belang van ‘beleving’ en bedenk een ervarium waarin beide communicatietroeven elkaar ontmoeten. Zo niet, dan tel je niet meer mee. Dan begrijp je niets van hedendaagse communicatie. Dat is zo ongeveer de stemming onder professionele communicado’s in Nederland, bij merken en bureau’s. Belevingscommunicatie is springlevend. Dat vinden ook de honderden stagiaires op hogescholen en universiteiten, die er trouwens onderweg steeds achterkomen dat er nauwelijks literatuur over hun stokpaardje te vinden is. En dus maar wat aanrommelen. Inderdaad: bij gebrek aan ervaring.

Belevingscommunicatie is een epidemie aan het worden. Gelukkig is vaccinatie niet nodig. Althans nog niet. Maar ik zal gefascineerd toekijken als over enkele maanden de eerste stofwolken van de hype zijn verdwenen, de realiteitszin weer toeslaat en belevingscommunicatie op z’n ware merites wordt beoordeeld. Want dan zou inenten mijns inziens wel handig kunnen zijn. Zodat weer duidelijk wordt dat ervaringen een communicatiemiddel is dat weloverwogen moet worden ingezet. Want op dit moment denkt iedereen die wel eens een feestje organiseert dat hij aan merkbeleving doet.

Zo komen we terug bij de basisvoorwaarden van iedere goede vorm van merkcommunicatie: goede timing, strategische brille en onderscheidende creativiteit. Gemaakt door mensen die begrijpen en voelen wat mensen en merken willen. en dat ook nog eens kunnen vertalen naar concrete, realiseerbare projecten. Die inderdaad merken en mensen op een bijzondere manier met elkaar in contact kunnen brengen. Voor nu: don’t believe the hype!

Column Marketingtribune (v/h Nieuwstribune), mei 2001.