Over sport, oorlog en vrede

Dit jaar herdenken en vieren we 75 jaar bevrijding. In BNR Zakendoen #sporteconomie van 6 mei ging het over sport, oorlog en vrede.

Bij de ontwikkeling van de sport hebben oorlog en politiek centraal gestaan. Aanvankelijk was sportbeoefening bij de oude Grieken, de grondleggers van de klassieke Olympische Spelen, voorbehouden aan adellijke mannen, maar vanwege de behoefte aan getrainde soldaten kwamen er sportscholen die zich richten op de fysieke ontwikkeling van de bevolking.

De Romeinse heersers, de bedenkers van panem et circenses (brood en spelen) gebruikten (sportieve) evenementen om het volk vermaak te bieden en af te leiden van de dagelijkse misère. De toenmalige atleten waren niet alleen maar slaven en sommige van hen werden goed beloond. De wagenmenner Gaius Diocles, van Spaanse afkomst, werd multimiljonair door zijn sport en wordt beschouwd als de best verdienende atleet aller tijden.

Ook voor de grondlegger van de moderne Olympische Spelen, de Fransman Pierre de Coubertin, was een oorlog (de Frans-Pruisische) de basis voor het ‘herintroduceren’ van de Olympische Spelen als een internationaal sportevenement dat de geestelijke en lichamelijke ontwikkeling moet bevorderen en voor verbroedering tussen alle volkeren zorgt. Met als adagium ‘meedoen is belangrijker dan winnen’.

Er zijn mooie voorbeelden hoe sport kan zorgen voor verbroedering, ook in tijden van oorlog en conflict. Zoals de atleten en officials van de gezworen vijanden Noord- en Zuid-Korea die tijdens de openingsceremonie van de Winterspelen van 2018 gezamenlijk onder één vlag het stadion betraden. Een vrouwelijke Korea-combinatie nam deel aan het ijshockeytoernooi.

Een. ander mooi voorbeeld van (tijdelijke) verbroedering in de meest barre en gewelddadige omstandigheden is het spontane partijtje voetbal dat Engelse en Duitse soldaten tegen elkaar speelden tussen de loopgraven van de Eerste Wereldoorlog. De Britse retailer Sainsburry maakte daar 100 jaar na dato een prachtige commercial over.

Oorlogen en gewapende conflicten zijn vaak van invloed geweest op sportevenementen zoals de Olympische Spelen. In 1956 nam Nederland niet deel aan de Spelen van Melbourne als protest tegen de inval van de Sovjet-Unie in Hongarije. Ook andere Spelen, zoals die van 1980 en 1984, werden beïnvloed door de wereldpolitiek.

Het effect van het boycotten van Spelen is onbewezen, maar dat sport en politiek alles met elkaar te maken hebben valt niet te ontkennen. Ook nu nog is sport, net als bij de Romeinen, een te belangrijk instrument voor machtshebbers om aandacht te trekken of juist voor afleiding te zorgen.

De uitzending met Thomas van Zijl en Marcel Beerthuizen kun je hier terugluisteren.

Voor meer verhalen over de geschiedenis van sport in tijden van oorlog: https://sportgeschiedenis.nl/

Over sporters en coaches die (te?) veel verdienen

Het gemiddelde salaris van een Eredivisie speler is € 281.000 bruto per jaar. Van een speler uit de Keuken Kampioen Divisie is het ongeveer € 25.000, minder dan een modaal salaris. Let wel, dit zijn gemiddelden, er zijn grote verschillen tussen het ‘linker en het rechter rijtje’.

In de absolute top van de sport gaat het om andere bedragen. Lionel Messi verdient € 100 miljoen per jaar. Nummer 1 op de Forbes-lijst van beste betaalde entertainers in 2018 (waar naast filmsterren, muzikanten, tv-persoonlijkheden en modellen ook sporters ook onder vallen) is bokser Floyd Mayweather met $ 285 miljoen.

Het nieuwe salaris van Atlético Madrid coach Diego Simeone zorgde ervoor dat de aloude discussie over de beloning van sporters nieuw leven werd ingeblazen. De Argentijnse oefenmeester gaat € 3,3 miljoen verdienen, per maand wel te verstaan. Hij is daarmee de best betaalde voetbaltrainer in Europa. Simeone verdient meer dan de best betaalde speler in zijn team, Antoine Griezmann, die € 35 miljoen per jaar verdient.

Als je het vergelijkt met mensen die een veel grotere verantwoordelijkheid hebben, zoals premier Rutte (€ 160.000 per jaar) of een directeur van een gemiddeld goed doel (rond de € 100.000 per jaar) dan zijn de verschillen absurd.

De centrale vraag in BNR Zakendoen van 27 februari: verdienen sporters en coaches te veel? Is hun beloning te rechtvaardigen? Presentator en sportkenner Thomas van Zijl leidde de discussie. Merlin Melles was de Zakenpartner deze uitzending.

De uitzending kun je hier bekijken en hier beluisteren.

De man van 99 miljoen euro

Gareth Bale verkast voor 99 miljoen euro van Tottenham Hotspur naar Real Madrid en wordt daarmee de duurste voetballer aller tijden. Een interview met Sander de Heer en Wendy Beenhakker van De Heer Ontwaakt op Radio 2 vind je hier. Een interview met Pim Sedée van RTL Nieuws vind je hier.

 

Fairtrade in voetbal bestaat niet

De kassa rinkelt in Madrid. Kaká 65 miljoen euro, Cristiano Ronaldo 93 miljoen euro. De Portugees gaat negen miljoen euro per jaar verdienen, ruim 170.000 euro per week. Fiorentino Pérez, de voorzitter van Real Madrid, is nog niet uitgewinkeld. Ondanks een schuld van 500 miljoen euro.

Het leidt tot interessante discussies in kranten, kantoren en kroegen. Die concentreren zich op drie vragen. Vraag 1: “Wanneer stopt het nou een keer?” Vraag 2: ‘Waarom moeten die spelers zoveel verdienen?”. Vraag 3: “Kan het wel terugverdiend worden?”.

Het antwoord op de eerste vraag is simpel: het stopt nooit. Daarvoor is voetbal een te grote en te belangrijke industrie geworden. Iedere keer zullen investeerders de grenzen verleggen. Overigens kan daar wel wat tijd overheen gaan. Tot afgelopen week was Zinedine Zidane de duurste voetballer. Dat record dateert van acht jaar geleden, toen diezelfde Pérez namens Real Madrid 75 miljoen euro voor de Fransman betaald. Dat leverde toen veel minder discussie op. Maar in 2001 was er nog geen crisis.

Zijn de salarissen excessief? De beste Amerikaanse basketballers, honkballers en American football-spelers verdienen meer dan 20 miljoen euro per jaar, in een markt met een vergelijkbare omvang als die van Europa. Tiger Woods verdient 90 miljoen euro per jaar en is binnenkort de eerste sportmiljardair. F1-coureur Fernando Alonso casht 30 miljoen euro per seizoen. Topacteurs als Tom Hanks, Will Smith en Tom Cruise krijgen meer dan 15 miljoen dollar per film. Naast een gage eisen de acteurs een percentage van de kaartverkoop en verkoop van merchandising, waardoor het honorarium voor een film soms de 50 miljoen te boven gaat. Topvoetballers zijn wereldsterren die mensen naar de theaters en voor de buis trekken. Zij hebben recht op een aandeel van de miljarden die in voetbal omgaan.

Of de investeringen in Kaká en Ronaldo kunnen worden terugverdiend, is moeilijker te beantwoorden. De nieuwe spelers zorgen voor een stijging in de verkoop van merchandising. Er worden jaarlijks meer dan 6 miljoen Real-shirtjes verkocht. Het stimuleert de verkoop van abonnementen op Real Madrid TV, het satelliet kanaal van de club. Het verhoogt het prijzengeld voor de deelname aan demonstratiewedstrijden en toernooien. Het bereiken van de laatste ronden in de Champions League levert tientallen miljoenen op, maar sportieve resultaten zijn niet gegarandeerd. Er zijn onzekere factoren, zoals tegenvallende prestaties door gebrek aan teamgevoel en de kans op blessures. Kortom, op korte termijn verdient Real het geld niet terug. Het ontbrekende deel valt onder de post ‘marketing’. De aankopen bevestigen de status van Real Madrid als grootste voetbalclub van de wereld en versterkt daarmee de waarde van het merk.

Is het ook goed voor het voetbal? Eerlijk is het in ieder geval niet. In Duitsland mogen clubs geen spelers kopen met geleend geld. In Nederland wordt de begroting van een club nauwlettend gecontroleerd en hun handelingsvrijheid daarmee beperkt. In Italië en Spanje ontbreekt iedere controle en worden enorme schulden gepermitteerd. Het pleit voor de invoering van een internationaal licentiesysteem, waarbij de clubs worden beoordeeld en mogen handelen op basis van hun financiële status. UEFA-voorzitter Michel Platini schermt met de invoering van zo’n systeem. Tot op heden heeft de UEFA vooral veel geroepen en nog niet veel geregeld, bang als men is voor de macht van de Europese topclubs die geen boodschap hebben aan nivellering. Ook in voetbal worden de rijken steeds rijker. Fairtrade in voetbal bestaat niet.

Column verschenen in AD Sportwereld, 18 juni 2009.