More is less

In kringen van sportsponsoring wordt het ‘UEFA Champions League-concept’ gezien als het ideale model voor een sponsoring propositie. Sponsoring- en mediarechten in één hand, een kleine groep sponsors die een uitgebreid pakket aan rechten krijgt, onder een strakke regie. Dit alles onder het motto ‘less is more’. Het schoolvoorbeeld hoe je als sport vanuit eigen kracht kunt zorgen voor een toenemende vermeerdering aan inkomsten en andere waarden (zoals de populariteit en het aanzien van de sport). Ondanks dit door velen geroemde model, geeft de heersende praktijk in sportland Nederland een ander beeld te zien. Een beeld dat illustratief is voor vrijwel iedere tak van sport.

Naast de groep van bedrijven die een sponsorship gebruikt voor associatie en beleving, als platform voor marketing en communicatie, waarbij gewerkt wordt vanuit de gedachte een partnership, is er een groep van bedrijven die slechts uit is op exposure. Bedrijven die niet geïnteresseerd zijn in de sport, die niet geïnteresseerd zijn in de sporters of in andere betrokken partijen, maar die uitsluitend geïnteresseerd zijn in logovermelding op het scherm of in print. Sport is voor deze ‘sponsors’ niets anders dan goedkope advertentieruimte. Deze partijen stappen laat in; zij kopen de restanten aan het einde van de dag voor een goed prijsje. En of ze de volgende dag terugkomen, hangt veelal af van het humeur en de prijs.

Uiteraard kun je deze bedrijven hun slimme (?) koopmanschap niet ontzeggen, het slechte nieuws is dat de sportwereld hier geen afdoende antwoord op heeft. In de dagelijkse zucht naar geld wordt er nooit nee verkocht, ook niet op de steeds verdergaande eisen van deze handige kooplieden. Het gevolg daarvan is een daling van de prijzen voor logo-ruimte op een shirt en op een bord. Ten einde dat verlies te compenseren, worden er meer centimeters op broek, shirt en andere plekken verkocht. De sporter als volgeplakte sandwich-man. Kijk maar eens naar de outfit van de gemiddelde eredivisie-volleyballer. Werkelijk ieder plekje is beplakt. Met als resultaat dat het aanbod en het aanzien minder waard worden in plaats van meer.

Denk aan de lessen van de Champions League. Ga uit van eigen kracht. Verkoop je mooie product aan bedrijven die er echt iets mee hebben en er ook echt iets mee willen. Leer nee te zeggen. Want ‘more’ leidt slechts tot ‘less’.

Column verschenen in Sponsor Magazine, januari 2007.

Beckham naar Tinseltown

De transfer van David Beckham is een prachtig voorbeeld van de wijze waarop moderne sportmarketing wordt bedreven. Het gaat om complete entertainment deals, waarvan o.a. marketing campagnes, imagerechten, uitzendrechten, split-revenue deals en merchandising onderdeel uitmaken. Voor de Verenigde Staten is de komst van Beckham de kans voetbal daadwerkelijk op de kaart te zetten.

Voetbal groeit enorm op highschools (jongens én meisjes), maar met de profcompetitie, the Major League Soccer (MLS), wil het nog niet echt lukken. Becks is het affiche dat voor meer aandacht en verkoop van kaartjes moet gaan zorgen.

Zelf is hij er ook niet slechter van geworden. De 5-jarige deal betreft 250 miljoen dollar, ruim 190 miljoen euro. Beckham zou een salaris van circa 2,25 miljoen euro ontvangen, minder dan hij nu bij Real Madrid verdient. maar hij gaat ook delen in de opbrengsten van merchandising en kaartverkoop, en hij krijgt een aandeel in de winst van de club.

Daarnaast staat het Beckham vrij activiteiten te ontplooien met persoonlijke sponsors. contracten met o.a. Gillette, adidas, Motorola en Pepsi leveren hem naar schatting 30 miljoen euro per jaar op. David blij en echtgenote Victoria blij, want Hollywood biedt uiteraard ook vertier en nieuwe mogelijkheden. De genius achter Beckham is het bedrijf 19 entertainment van Simon Fuller, inderdaad de bedenker van Spice Girls en Idols. In een interview liet Beckham weten dat hij nog wel even met zijn goede vriend Tom Cruise had overlegd of hij naar L.A. moest komen. “Meteen doen”, had Cruise gezegd.

Hoewel de voetballer Beckham (31) niet (meer) van absolute wereldklasse is, moet hij met zijn sterrenstatus wel in staat worden geacht MLS een enorme injectie te geven. De aftrap was in ieder geval goed; op de dag van de bekendmaking van zijn transfer kreeg MLS meer publiciteit dan in het gehele jaar daarvoor. En bij LA Galaxy is de kaartverkoop met Beckham al begonnen…

Geplaatst op Molblog, 15 januari 2007.

Feestje

Het is alweer de zevende keer dat de SponsorRingen zijn uitgereikt. Inmiddels hebben de SponsorRingen een sterke positie veroverd binnen het enorme aanbod aan vakprijzen op het gebied van marketing en communicatie.

De SponsorRingen hebben tot doel sponsoring te promoten als volwaardig marketingcommunicatie instrument en de beste cases te lauweren. Dat is geen eenvoudige taak. Zelfs binnen 1 categorie is er een grote verscheidenheid aan cases. En sponsoring als vak evolueert, waardoor er ook altijd discussie is over wat nu wel sponsoring is en wat niet. De Stichting Sponsor Ringen volgt die ontwikkelingen op de voet. Maar in alles staat onze eerder genoemde doelstelling voorop.

De Stichting Sponsor Ringen heeft dit jaar gekozen voor een uitreiking in een feestelijke omgeving. Een maand voor de uitreiking was de zaal al uitverkocht, waardoor we helaas ook mensen hebben moeten teleurstellen de gehele avond te kunnen bijwonen. We zullen bekijken hoe we die groei verder kunnen stroomlijnen, want naast de jaarlijkse uitreiking van de prijzen is de avond van de uitreiking uiteraard de ontmoetingsplek voor al die mensen die op een of andere manier bij sponsoring betrokken zijn. Een waar feestje dus.

Een korte terugblik op de gang van zaken het afgelopen jaar. Opvallend was het aanbod in de verschillende categorieën. De Vakjury Sport had een zware taak te kiezen uit de vele sterke cases in het jaar waarin zowel de Olympische Spelen, het WK Voetbal als de Volvo Ocean Race plaatsvonden. De Vakjury Maatschappij daarentegen moest zich zeer inspannen om een goed aanbod aan cases te overleggen. Er is ontegenzeggelijk een behoefte bij bedrijven tot het tonen van maatschappelijke verantwoord ondernemen, maar blijkbaar is er nog te veel schroom dat ook daadwerkelijk uit te dragen. Na het instellen van de SponsorRing Innovatie in 2005, hebben we ook dit jaar een nieuwe prijs toegevoegd: de SponsorRing Low Budget. Want ook kleinere cases willen we blijven betrekken bij de SponsorRingen.

De Stichting wil alle voorzitters en leden van de Vakjury’s hartelijk danken voor hun inzet de SponsorRingen tot een succes te maken. Onze dank gaat ook uit naar de voorzitter en de leden van de Hoofdjury, die twee enorme dozen met materiaal moesten doorspitten om alle cases te kunnen beoordelen.

Wij zien u graag terug bij de SponsorRingen 2007!

Mr Marcel Beerthuizen, voorzitter Stichting Sponsor Ringen

Column verschenen in Sponsor Tribune, november 2006.

TV is niet dood

De laatste tijd is er steeds meer aandacht voor de effectiviteit van tv-commercials. Terecht, want uiteraard wil elke marketeer exact weten welke bijdrage iedere investering in marketingcommunicatie oplevert. Die rendementsvraag wordt bij sponsoring al sinds jaar en dag gesteld. In tegenstelling tot de investeringen die men in massacommunicatie deed. Als het maar bereik opleverde. Maar wat het exacte rendement daarvan was, werd veel minder kritisch bekeken.

De onderzoeken van BVA/Levi en Forrester geven aan dat het sec gebruiken van bereikcijfers kwestieus is. Die onderzoeksresultaten werden met groot gejuich ontvangen door verschillende vertegenwoordigers van de ‘andere’ disciplines. “TV is dood, investeer daar je geld niet meer in, maar geef het aan ons”. En die ons is dan of internet, of actiemarketing, of pr, of sponsoring. Het is een kortzichtige en verkeerde boodschap. Uiteraard is tv niet dood. Het blijft het massacommunicatiemedium bij uitstek. Internet geeft nog lang niet de bereikscijfers die tv kan bieden. En door de enorme penetratie van het aantal tv-toestellen in huishoudens wordt tv meer en meer een 1-op-1 massacommunicatiemiddel.

De groei in Brand Programming is ook overduidelijk. TV blijft ook een belangrijk medium voor de activering van sponsorships. Let maar op, de winnaars van het oorlogsgeweld rond het WK Voetbal worden bepaald door de impact van de tv-commercial die wordt ingezet. Het goede nieuws is dat sponsorships steeds vaker worden ingezet als centraal thema voor marketingcommunicatiecampagnes. Daar liggen de kansen, niet in het afbranden van andere disciplines.

Column verschenen in Sponsor Magazine, juli 2006.

Managing expectations

Het was voor de drie belangrijkste sportsponsoring objecten in ons land (de KNVB, Eredivisie CV en NOC*NSF) betrekkelijk eenvoudig hun sponsorpakketten te verkopen. Maar na het zetten van de handtekeningen en ontvangen van de eerste termijnen, begon het proces waaraan in de literatuur en lectuur nauwelijks aandacht wordt besteed: het beheren van een sponsorportfolio. Het is een onderdeel van het sponsorvak dat steeds belangrijker is geworden.

Dat beheer is een ‘spel’ waarbij het managen van verwachtingen centraal moet staan. Veel sponsors hebben na het betalen van het sponsorbedrag het gevoel dat ze alles kunnen en mogen bepalen en dat iedere activiteit van het sponsorobject onder hun sponsorship valt. Veel gesponsorden worstelen met de druk van hun partners en hebben angst ‘nee’ te zeggen. Dat zorgt voor spanningen die eerder leiden tot een vervelende scheiding dan tot een gelukkige voortzetting van het huwelijk.

NOC*NSF bijvoorbeeld moet duidelijk wennen aan de assertiviteit en passie waarmee Unilever en haar merken zich op het partnership hebben gestort. Dat ging fout bij de afstemming over de rol van Robijntje als mascotte van het Nederlands Olympisch Team. Onduidelijke communicatie zorgde voor verwarring en onrust, ook binnen de sponsorpool. In een schrikreactie probeerde de sportkoepel vervolgens alle mogelijke conflicten te voorkomen door bijvoorbeeld bij de aankomst van de NS-trein in Zwolle alle individuele uitingen van Partners in Sport tegen te houden.

Er zijn twee belangrijke inzichten als het gaat om het beheren van een sponsorportfolio. Eén: iedere sponsor is een concurrent van de andere sponsors van datzelfde object. Twee: collectiviteit bestaat niet (echt). Goed sponsorbeheer begint daarom vooral in de pré-contractuele fase. Juist dan moeten doelstellingen zo concreet mogelijk worden geformuleerd en grenzen worden aangegeven. Het is een utopie sponsors, die weten dat slechts activering voor rendement zorgt, in een keurslijf te stoppen. Stimuleer de partijen die enthousiast gebruik maken van de rechten die ze gekocht hebben. En manage de verwachtingen van de andere sponsors. Dat heeft vooral met goede communicatie te maken. Het is de formule voor een goed en langdurig huwelijk.

Column verschenen in Sponsor Magazine, april 2006.

What’s in a name?

Eens in de zoveel tijd komt er zo’n woord voorbij dat de oplossing lijkt te zijn voor alle problemen. In marketingland valt er weer zo’n term te ontwaren. Content driven marketing. Het probleem is bekend. Merken komen niet meer in contact. De consument zapt zich een ongeluk langs alle kanalen. We worden doodgegooid met commerciële boodschappen. Alles lijkt op elkaar, niets werkt meer. De consument bepaalt zelf wat hij kijkt, leest, ziet, zinght, huilt, bidt, lacht, werkt en bewondert. Weg mus push, lang leve pull.

De nieuwe oplossing voor het marketingprobleem heet dus content driven marketing, a.k.a. content. Het nieuwe buzzword op congressen, de boodschap van nieuwe bureaus, de boodschap van oude bureaus die op zoek zijn naar nieuw leven, de boodschap van marketeers met een probleem.

Wat is essentieel aan goede content driven marketing? Het speelt in op de interesse van de mensen die je wilt bereiken en beraken. Het is relevant en biedt toegevoegde waarde. En goede content is platform onafhankelijk. Het is een ‘real life’ thematiek.

Het is van alle tijden. Soms duurt het decennia voordat een nieuw concept wordt herkend als revolutionair en vernieuwend. Soms gebeurt dat doordat iemand een twist gaf aan een al jarenlang bestaand idee. Of omdat iemand er een nieuwe naam aan gaf. Denk is aan de klapschaats. Of aan Google.

Het lijkt erop dat de gloriejaren voor sponsoring zijn aangebroken. Want content driven marketing heeft alles te maken met wat sponsoringexperts de afgelopen jaren hebben geleerd. Het aangaan van allianties met ‘entertainment’ partijen. Het aanbieden van experiences aan consumenten. En het activeren van interessevelden in onderscheidende en effectieve communicatie. De operationele kennis van sponsoringexperts is cruciaal voor het succes van content driven marketing.

Laat het kaas niet van je brood eten. Sponsoring adepten van Nederland, grijp uw kans!

Marcel Beerthuizen

Column verschenen in Sponsor Magazine, nr. 1 februari 2006.

De Sportsponsorgids

In 2006 verscheen de Sportsponsorgids (ISBN 90-5472-001-8), hét standaardwerk op het gebied van sportsponsoring dat bij iedere vereniging en ambitieuze sporter op de plank behoort te staan.

180!

Jelle

Ik kijk naar Lakeside sinds de 80-er jaren. Toen het nog Embassy heette, met Eric Bristow en the King of Bling Bobby George.

Ooit kocht SBS de rechten voor een schamele 5000 gulden en keken meer dan een miljoen Nederlanders naar de winnende Raymond van Barneveld.

Dat was in 1998.

Maar gisteren was toch wel een ongekend hoogtepunt. Twee Hollanders op het finalepodium. De uitzendrechten zijn lang niet zo goedkoop meer (de BBC is wakker geworden). Eurosport zond het toernooi uit in 71 landen. Zelfs in Thailand heeft Jelle al fans.

Volgens SBS keken meer dan 5 miljoen landgenoten (marktaandeel 54,4% voor 20-49) naar Snelle Jelle en de naast hem wel erg dik ogende Barney. Balkenende had genoten op de bank, zo liet hij the Young Matador weten. Op de BBC wisten ze te melden dat Queen Beatrix ook zat te kijken.

Mooie tijden voor sponsor Keukenconcurrent en het café waar het allemaal begon. In Brabant verdringen Boxtel, Vlijmen en Alphen elkaar om alle aandacht te krijgen. Over citymarketing gesproken! Er liggen vast nog wat mooie gemeentelijke sportpenningen voor Jelle in het verschiet.

De manager glom van oor tot oor. Wat gaat er nog allemaal komen?

Jelle flights en andere metalen (piercings!). Jelle Klaasen merchandising. Optredens, evenementen, interviews. Een contract met SBS?

Zijn website is al onbereikbaar. Hoe snel kan het gaan? Van nobody tot BN-er in 5 darts-partijen. Maar vandaag moet hij eerst nog met de boot terug naar Nederland.

Geplaatst op Molblog, 16 januari 2006.

Vers bloed

De Sectie Sponsoring van het GVR bestaat inmiddels meer dan vijf jaar. Leden van het eerste uur waren Peter Rovers (Pro Sport), Marischka Leenaers (destijds Rabobank), Huub Dubbelman (DaimlerChrysler), Hans Beumer (Brand New Day), Marie-Christine Vink (destijds Rijksmuseum) en Chris Woerts (destijds Feyenoord). Vink en Woerts werden tussentijds afgewisseld door Hans van der Westen (ISF) en Paul Boehlé (Essent). Ook Florien Vaessen (ABN AMRO) heeft deel uitgemaakt van het Bestuur.

Bij de oprichtingsvergadering stelde het Bestuur zich een heuse missie ten doel: ‘het creëren, het onderhouden en het vergroten van een ontmoetingsplaats voor alle professionele betrokken partijen uit de Nederlandse sponsoringindustrie’. Daarvoor werden allerlei activiteiten ontwikkeld zoals: state-of-the-art sessies, stoomcursussen sponsorwerving, evenementen en netwerkborrels. Verder stond het Bestuur aan de basis van een eigen congres (Planet Sponsorship) en was het initiator van de jaarlijkse prijs voor de beste sponsoringcases: de SponsorRing.

De Sectie Sponsoring heeft zich in de loop der jaren ontwikkeld tot dé netwerkorganisatie op het terrein van sponsoring. Met meer dan 110 leden, maar ook met aanloop van vele niet-leden bij de bijeenkomsten die worden georganiseerd. Kortom, de Sectie Sponsoring staat. Maar de Sectie moet verder. Tijd om nieuwe mensen de kans te geven initiatieven te ontplooien. Met ingang van 1 juli jl. zijn Carlie Janszen (Internationale Architectuur Biennale Rotterdam), Kim Dingler (Heineken), Nathalie Smeeman (NOC*NSF, per 1 oktober a.s.), Micael Amiabel (Trefpunt), Vincent Pijpers (Rabobank) en Ton Rozestraten (IP) toegetreden tot het Bestuur. En zijn Marischka Leenaers, Peter Rovers, Huub Dubbelman en Hans Beumer afgetreden. Ze verdwijnen uiteraard niet uit beeld. Maar we willen hen bij deze hartelijk danken voor hun inzet de afgelopen jaren.

Mr Marcel Beerthuizen

Voorzitter Sectie Sponsoring van het GVR

Column verschenen in Sponsor Magazine, augustus 2004

 

Old boys

We hebben het als Sectie Sponsoring reeds voorspeld. Inkomen uit sponsoring wordt een belangrijk onderdeel op de balans van vrijwel iedere organisatie en instelling in ons land. In dat kader stonden er twee opvallende berichten in de krant. Allereerst een bericht over de zoektocht naar sponsors voor het Nederlandse EU-voorzitterschap. En daarnaast de bekendmaking van het inschakelen van enkele Captains of Industry voor de sponsorwerving van het Stedelijk Museum.

Twee ambitieuze projecten, elk met een eigen aanpak. De Nederlandse regering had erop gerekend tussen de twee en drie miljoen euro te vergaren ten einde de kosten van het voorzitterschap te drukken. Om alle schijn van belangenverstrengeling te voorkomen, besloot men – te laat – tot het zenden van een brief aan VNO-NCW, met het verzoek of de werkgeversorganisatie wilde bemiddelen. Dat leverde niets anders op dan gemor in de Tweede Kamer, die de gebrekkige aanpak bekritiseerde.

Hoe anders pakt het Stedelijk het aan. De Old Boys die Balkenende c.s. niet direct wilde benaderen, vormen het geheime wapen van het Stedelijk. Men wist het Supertrio Rijkman Groenink, Tabaksblat en Van Zadelhoff voor de wagen te spannen. Doel is voor de zomer 15 miljoen euro binnen te halen. Dit uiteraard zeer indrukwekkend gezelschap moet toch ver kunnen komen.

Ik ben wel benieuwd hoe ze het gaan aanlopen. Het bericht over het Stedelijk deed mij denken aan Wouter Huijbregtsen, die in de jaren 90 als preses van NOC*NSF zijn enorme netwerk benaderde voor het Partners in Sport-sponsorship van de sportkoepel. Mickey – zoals hij zich in de sportwereld liet noemen – , kind aan huis in vele boardrooms, wist enkele Captains of Industry te interesseren. Maar de topdown-benadering leidde uiteindelijk niet tot succes. De conversie van de instemming van de Raad van Bestuur naar de goedkeuring door de marketeers – die de betreffende budgetten beheren – slaagde niet.

Uiteraard zijn er nog steeds genoeg CEO’s die grote bedragen kunnen vrijmaken. Maar de noodzaak tot kostenbeheersing en optimalisatie van het rendement van investeringen maken dat ieder voorstel op zijn concrete effecten moet worden beoordeeld. Dat was de reden dat de voorstellen van Huibregtsen, die met name waren gebaseerd op de maatschappelijke rol van de sponsors, het uiteindelijk niet haalden. Ik ben dan ook erg benieuwd wat de Old Boys van het Stedelijk gaan aanbieden. Met een goed gesprek en een sigaar gaan ze het in ieder geval niet redden.

Column verschenen in Sponsor Tribune, januari 2004.